Maar liefst negen jaar was Frenk Jespers lid van de hengstenkeuringscommissie van het Zweedse stamboek SWB. In die tijd heeft hij met de commissie werk gemaakt van de ontwikkeling van de rijpaardpopulatie naar een hoger plan, met name op het gebied van de dressuurpaarden. Tijdens een gala-avond in Linköping op de staatsstoeterij werd hij verrast met een gouden speld-onderscheiding en een aantal toespraken.

 

Frenk Jespers is enthousiast over het Zweedse stamboek: “Het is opvallend dat het zo’n open stamboek is waarin het fijn is om met de mensen samen te werken, ook met het bestuur. Het Zweedse stamboek had al een rijke traditie op het gebied van dressuurpaarden maar een tijd geleden was dat wat in slaap gevallen. Dat is opgepakt door een aantal jongere mensen, onder leiding van Emma Thorén Hellsten. Zweedse paarden hadden de naam om soms wat moderner in hun uitstraling te kunnen zijn maar dat wordt tegenwoordig heel goed gecompenseerd door het gebruik van moderne hengsten uit andere stamboeken. Dat kwaliteitsvolle oudere bloed sluit heel goed aan bij de modernere hengsten, het brengt kwaliteit in het bewegingsmechanisme en het karakter. Waar we in Nederland meer bloedspreiding in de dressuur zouden mogen hebben vanwege de invloed van hengsten als Jazz, Ferro en Flemmingh, is dat in Zweden niet het geval, dat heeft ze de afgelopen jaren sterk gemaakt. Dat is ook interessant voor het buitenland! Ik ken Nederlandse fokkers die gebruik maken van hengsten uit Zweden, dat is volgens mij een betere weg dan het gebruik van Iberische rassen.”

 

In de hengstenkeuringscommissie onder leiding van Kristina Olsen zaten naast Frenk ook Pieter Kersten en Mikael Nolin. De Nederlandse invloed in Zweden is relatief groot: “Er zit veel kennis bij het stamboek maar ze maken heel goed en ruim gebruik van kennis van buitenaf. Van bij voorbeeld Hans Horn of Rob Ehrens. En ze zetten Nederlandse testruiters zoals Hans-Peter Minderhoud, Emmelie Scholtens, Theo Hanzon, Dave Maarse of Mathijs van Asten in. Of ze hebben de opzet van de Pavo Cup overgenomen zoals we die in 1995 gemaakt hebben. Het is allesbehalve een gesloten mentaliteit daar. Het gaat om open discussies en het mooie is dat met de uitkomsten ook werkelijk iets gedaan wordt. Mijn werk zit er nu op, ik ga het zeker missen. Ik was er minimaal een week per jaar voor de keuringen, en daarnaast nog enkele keren om jonge paarden te keuren, workshops bij te wonen, etc. Het is een fantastische tijd geweest en ik zal het stamboek zeker blijven volgen!”

Bron: Equnews